Wie wil er mee naar Wieringen varen


Wie wil er mee naar Wieringen varen
's Morgens vroeg al in de dauw
Met een mooi meisje van achttien jaren
Dat zo graag naar Wieringen wou?
Schipper ik hoor de hanen kraaien
Schipper ik zie de vlaggetjes waaien
Stuurman, laat je roer maar gaan
Dan zullen wij spoedig op Wieringen staan.

Toen we daar op Wieringen kwamen
Zagen we heel veel boeren staan
Die hun spek met lepels aten
Daarom wou je naar Wieringen gaan
Schipper ik hoor de hanen kraaien
Schipper ik zie de vlaggetjes waaien
Stuurman, laat je roer maar gaan
Dan zullen wij spoedig op Wieringen staan.

 

1