Karakter van de Norwich terrier.
De Norwich terriers zijn vrolijke aanhankelijke honden en voor de duivel niet bang. Kleine hondjes met een groot hart. Ooit zijn deze, meestal rode terriers gefokt voor de jacht op de vos en de das en daardoor natuurlijk geschikt om het erf en huis vrij te houden van ratten en ander ongedierte. Eenmaal een spoor gevonden? Onze kleine Terrier graaft net zolang tot hij de buit gevonden heeft en uw tuin een hopeloze zaak is geworden. De Norwich terrier is een overmoedige hond, Worden op late leeftijd wat rustiger. Er zit geen agressie onder deze kleine duiveltjes. Ze zijn eigenwijs, gaan graag hun eigen gang, en moeten zeer consequent maar met beleid opgevoed worden. Te veel straffen kun je bij een Norwich terrier niet doen. Je moet ze een beetje beduivelen. Ze moeten toch doen wat wij willen maar op de manier dat zij denken dat het gaat zoals zij heet gewild hadden. Ze zijn zeer leergierig en met wat beloning leren ze goed luisteren. Ze zijn gek op behendigheidspelletjes. Een bal ophalen willen ze ook wel doen, als ze daar toevallig zin in hebben, anders haal je hem zelf maar op.
Historie
De eerste Norwich terriers zijn gefokt en verkocht door ene meneeer Lwarence een hondenhandelaar. Hij verkocht ze aan de studenten van Cambridge. Ze werden toen de Catab Terriers genoemd. Deze studenten hielden de hondjes als gezelschapsdier en om de ratten weg te houden. Later kwamen daar andere fokkers bij zoals Jodrell Hopkins die in de Trumpington straat woonde en deze hondjes Trumpington terriers noemde. Deze fokker verkocht een hondje aan Jack Cooke van Brooke Hall en dit hondje Rags genoemd dekte vele teven. Deze teven brachten allemaal prachtige dieprode gekleurde pups voort. Een andere fokker uit die tijd Lewis Low de zoon van een dierenarts kruiste zijn kruising (een witte terrier met vleermuisoren) bracht er de kleine Ierse terrier in voor de mooie diepen rode kleur.
De naam kregen ze toen iemand hem vroeg hoe hij deze terriers noemde hij spontaan na een bezoek aan Norwich (een plaatsje in Engeland) ik noem ze Norwich terriers zei. In de beginjaren waren er Norwich terriers met hang en staande oren. Pas in 1964 werden deze twee terriers gescheiden als Norfolk terrier met hangende oren en Norwich terriers met staande oren. Rond 1960 waren er Norwich terriers in Nederland bij Gravin van Zuylen van Nijevelt.
Verzorging
De Norwich terrier moet iedere week gekamd worden om het dode haar te verwijderen. Een maal in het half jaar horen ze geplukt te worden. Dit wordt met de hand gedaan. Er komt geen machine aan te pas. Worden deze hondjes geschoren of geknipt dan verdwijnt de mooie rode of zwarte kleur. Zorg ervoor en overtuig U zich goed dat ze werkelijk geplukt moeten worden. Het smoesje de vacht is niet geschikt voor het plukwerk gaat beslist bij dit ras niet op. Vraag informatie bij fokkers, de meeste trimmen zelf en anders weten ze wel een goede trimsalon.
De tanden van een Norwich terrier kunt u zelf bijhouden door ze tijdens de kambeurt gelijk even te poetsen, hiervoor zijn materialen genoeg in een goede Dierenspeciaalzaak. De nagels moeten vooral de klauwnagels bijgeknipt worden, vooral als Uw norwich niet op een harde ondergrond loopt. De oren moeten wekelijks met een watje schoongemaakt worden, zo houdt U ook in de gaten of er een oorontsteking aankomt.
Gezondheid
De Norwich terriers zijn goede gezonde honden. In bijna iedere Norwich terrier zit echter een verre voorvader met epileptie. Deze epileptie onderscheidt zich tussen een echte epileptische aanval en een crampaanval. Dit laatste gaat dikwijls ongemerkt voorbij. Ondanks dat er veel moeite gedaan wordt om deze ziekte eruit te fokken, komt het zo nu en dan toch voor. Tevens zijn er lijnen die ademhalingsproblemen hebben. Ook hieraan wordt hard gewerkt. Voor de rest zijn het zeer harde tegen alle weersomstandigheden bestand gezonde terriers.