|
|
||
|
Rob heeft door zijn broer een raamwerk laten maken van ijzer, met gaas er op. Als dit in ons raam zit is het net een gevangenis. Jetje wil dit zo hebben, want ze denkt dat ik al een paar keer door dit raam ben ontsnapt. Het is nu zo warm, dat er regelmatig het raam open gezet wordt . Rob heeft wel het gaas geschilderd, omdat je er anders heel moeilijk door kunt kijken door het glinsteren van het materiaal. Er zitten van die open scharnieren aan, zodat het raamwerk verwijderd kan worden in de winter. De raam staat nu heerlijk open. Het gaasraam is dicht. Wij zijn naar onze kattenkamer gestuurd. Jetje en Rob zijn heel veel spullen naar buiten aan het slepen. Stom dat ze zijn, want het is zondag en de vuilniswagen komt nooit op zondag. Ik zie het al. Er komt nu een vrachtwagen de straat in gereden en die zet overal metalen dingen neer met planken. Jetje en Rob maken en een soort huisje van met een oranje dak. Rob komt weer maar binnen en roept naar Jetje, dat ze kraam maar moet gaan inrichten. Rob sjouwt heel veel dozen naar buiten met dingen die ik al lang niet meer gezien heb hier in huis. Hè Rob, breng mijn krabpaal terug en die mooie mand!!!! Rob zet hem gewoon tussen al die andere spullen. Jammer, maar nu hoeft opa hem ook niet meer te maken. Ik heb er trouwens nu een met paarse vloerbedekking en die vind ik veel mooier. Ik steek er met mijn rode velletje mooi tegen af. Rob gaat weer een kraam opzetten en nog een. Hij hangt een doek er tussen in waar iets op staat. Het is vandaag hier straatmarkt, heeft Jetje gezegd. Ik kan alles heel goed zien vanuit mijn koninklijke positie. Jetje moet de hele dag achter de kraam zitten en Rob zit samen met de buurman achter de kassa. Het geld wat er opgehaald wordt, is om de kosten van reclame en de kraamhuur van te betalen. Rob mag er niets van houden. Er worden wel geen kaartjes verkocht, waardoor ze niet precies kunnen weten hoeveel mensen er geweest zijn. Het is wel druk. Dit kan komen omdat het heel mooi weer is. Regen is er niet voorspeld waardoor ik ook geen paraplu's. Jetje heeft ook heel mooi porselein op haar kraam neergezet. Ze heeft ook zoveel en al haar kasten staan en er staat zelfs porselein op haar hobbykamer. Wat moet ze er mee, want uit meer dan een kopje kun je niet gelijktijdig drinken. En wat moet je met al die koffiepotten en theepotten, die je niet gebruikt? Rob heeft het toch maar heerlijk. Hij zit onder een dakje uit de zon en ik hier in de zon. Maar ja, verschil moet er wezen. Jetje heeft al aardig wat verkocht. Ik zie haar glimlachen. Ze is trots op haar zelf. Ik zie Rob opstaan en hij vraagt aan een oud vrouwtje? "Komt u nu al weer betalen om op de markt te komen". "Het vrouwtje zegt nee, ik kwam vragen of ik mijn geld niet terug kan krijgen, want ik heb niets gezien wat ik heb willen kopen". Er is ook een heel gezellig terras op deze markt, met een orkest wat heerlijke Limburgse muziek brengt. Misschien ken je er wel een paar? Vooruit, vooruit maar en over Maastricht. Ik zelf ben er niet goed in, maar Jetje zingt uit volle borst mee. Rob steekt zijn vingers in zijn oren en vraagt aan Jetje om haar mond te houden. Als zij zingt, huilen de Chinezen. Jetje houd haar mond maar, want met Rob moet ze vanavond weer naar huis. Ginds in de staat gebeurd wat. Ik kan het net niet zien. Rob komt even binnen en loopt het hele huis door, op zoek naar iets. Hij komt ook op onze kamer en zo kan ik ontsnappen. De voordeur staat open dus glip ik het huis uit. Ergens heeft een man iets meegenomen en niet betaald. Er zijn nu meerder mensen bij berokken en ik sta als scheidsrechter er tussen. De man probeert weg te lopen en dat kan ik verhinderen door voor zijn voeten te gaan staan. Hij struikelt over mij en ligt daar nu op de grond. Zijn jas valt open en daar rolt veel meer uit, wat die man al bij andere mensen heeft meegenomen. Een paar sterke mannen nemen hem mee en leveren hem in bij de politie. Die zien we voorlopig niet meer hier in de straat. Ik ben maar onder een kraam gaan liggen, want als Rob mij ziet word ik weer naar binnen gebracht. Ik zit hier best wel goed, want langs mij zit een kind in een kinderwagen een ijsje te eten en dat lekt wel wat. Ik ben best wel verzot op druppels smeltijs en lik dus dit kind goed schoon. Zelfs het ijsje is heel lekker, maar wel wat koud. Ik heb ook weer even gelonkt naar het over buurtje. Wat word ze weer mooi die Willemijn. Ze begint al een buikje te krijgen. Willemijntje mag niet meer naar buiten van haar vrouwtje, na haar avonduur met mij. Ik ga maar eens wat rondkijken of er nog iets voor mij is weggelegd. Oei daar komt wat aan. Groot, zwart en met van die grote tanden. Hij wordt aan een riem vast gehouden en dat is maar goed ook. Misschien is het wel een heel gevaarlijk dier. Ik moet hier meer van weten. Ruiken doet hij niet lekker. Hij heeft ook wel wat langer haar maar dat is niet zo zacht als dat van mij. Ik snuffel aan hem. Hij doet zijn mond open en geeft een heel gek geluid. Ik geef hem een aai met mijn poot en nu zit hij meteen in elkaar gedoken en wil wegkruipen. Wat een angsthaas, en dat voor zo'n groot beest. Een eind verderop staat Fer de slager met een worsten kraam. Als ik hem lief aankijk krijg ik misschien wel een stukje. Van hem heb ik allang eerder iets gekregen en Fer weet dat ik altijd alles netjes opeet. Ik ga maar weer eens op huis aan, want iets te drinken ben ik niet tegengekomen. De voordeur staat nog steeds open wat naar binnenkomen weer wat gemakkelijker maakt. Ik drink even wat en ga dan op het terras buiten maar wat liggen slapen. Voor op straat beginnen ze alles op te ruimen en daar bemoei ik mij niet mee. Jetje en Rob zijn nu weer met stoelen aan het bijzetten en dan weet ik wel wat er gaat gebeuren. De straat komt op bezoek. Er worden kisten aan gesjouwd met bier, limonade en glazen. Ook wordt er een parasol bij gezet. Jetje gaat koffie en thee zetten, want de mensen zullen wel dorst hebben. Ook heeft Rob de tap op het terras aangesloten. Dit doet hij alleen als er veel mensen komen. Jetje zet de cd speler aan om een mooi muziekje te horen. We heel zachtjes roept Rob. De buren houden misschien niet van onze muziek. Ik kijk Blaan aan, want de buren zitten allang bij ons op het terras. Rob steekt de barbecue aan voor de mensen die hier in de tuin zitten. Hij zelf drinkt nu cola, wat hij anders ook het meest drinkt. Ik vraag me alleen af, waarom hij plastic borden gebruikt, met al die mooie borden in de kast. Ook van die stomme plastic vorken en messen, waar geen gezond mens mee kan snijden en eten. Ik ben blij dat ik gewoon mijn eigen bak mag blijven gebruiken. Ik ruik Blaan en achtervolg haar mee naar binnen. Ik kan daar ook geen kwaad meer doen en ga lekker mijn zonden van vandaag liggen overdenken op mijn kamer boven.
|