|
Op een gegeven moment heeft therapie zijn nut bewezen. Het gaat er dan niet meer om jezelf te veranderen, maar jezelf te waarderen zoals je bent. Het is dan niet meer belangrijk om te worden, maar om te zijn. Wat we zijn is niet te bereiken, want wat we zijn is er al. We kunnen het nooit worden, we kunnen het alleen zijn. Maar we zijn echter niet gauw tevreden met onszelf zoals we zijn. We hebben altijd een gevoel van tekort of dat het anders moet. We hebben een voortdurend verlangen meer te willen worden, meer te willen hebben of meer te willen zijn. We trachten steeds iets te vinden wat ons completer en succesvoller zal maken. Vandaar dat we altijd onbewust op zoek zijn naar een doel in de toekomst. Zolang dit doel niet bereikt is, zijn we niet tevreden met onszelf en kunnen we niet ontspannen.
Tevreden zijn met jezelf hangt echter nergens vanaf, het is niet het resultaat van bepaalde handelingen, het is niet iets waar je naar toe kunt werken. Tussen tevreden en ontevreden zijn zit een kloof die niet overbrugd kan worden. Je kunt niet tevreden worden. Je kunt alleen maar tevreden zijn. Omdat worden altijd toekomstgericht is, nooit nu, maar altijd ver weg. Zijn daarentegen is heel nabij, het is in verbinding zijn met wat er nu is. Als we zijn hebben we niets nodig en hoeven we niet meer te zoeken. Want alleen wat er nu is kan ons voeding geven, kan ons verbinden met iets. Alleen als we zijn vinden we voortdurend vervulling in onszelf en in de buitenwereld . Zijnsontwikkeling maakt gebruik van lichaam-en adembewustzijn, visualisatie, meditatie en creativiteit. Het in de praktijk brengen van een bepaalde grondhouding in het dagelijkse leven speelt hierbij een belangrijke rol .
|