Te lang heeft men ons laten geloven dat de hemel een plaats is waar je naartoe kan, en waar je dan lang en gelukkig zal leven... Dat sprookje geloven nog slechts weinig mensen.

De hemel is een toestand, een zijn...
en dus is de hemel zowel in ons als overal elders, in alles.
Op de eerste plaats is de hemel een goddelijke toestand,
één zijn in en met God,
en dus de meest volmaakte toestand die we kunnen beleven.
De hemel is in ons, als wij in en met God zijn.
Het is elk van ons gegeven om in de hemel te zijn, nu, altijd en overal.
"zijn hemel verdienen" is een oud volks gezegde, dat, zoals de meeste,
veel waarheid bevat, en dus ligt het volledig aan onszelf
of we leven in een hemel of een hel. Voor God bestaan noch hemel, noch hel.

En toch bidden we: die in de hemelen zijt...
omdat alles wat God geschapen heeft volmaakt was,
een hemel zoals het aards paradijs. 
Indien dit niet langer zo is, is het de mens die de hemel heeft veranderd in een hel,
of een vagevuur, maw een onvolmaakte toestand, en onvolmaakt Zijn.
Laten we dus niet vergeten dat onze oorspronkelijke toestand van Zijn
er een was van volmaakte perfektie
een hemel. want, hoe zou het kunnen, dat God iets onvolmaakt heeft geschapen.
In oorsprong was alles volmaakt,
en omdat God zonder einde noch begin is, is alles altijd volmaakt.
Altijd.