1988:
Dat sommige mensen me nu mooi vinden, is leuk, maar ik weet
dat het schijn is. Als je kritisch kijkt, mankeert er van alles aan.
Toch voel ik me gelukkig met hoe ik eruit zie. Ik zorg ervoor dat alles
verzorgd is en trek dingen aan waarvan ik denk dat ze leuk staan. Met de
juiste accessoires kun je veel aan jezelf doen.
Bekijk je me op mooi, dan zeg ik, nee, dat ben ik echt niet. Ik heb wel
wat nodig om zo op de buis te verschijnen als ik doe: er zit een hoop
werk in. Het is beslist niet zo dat ik 's morgens beeldschoon opsta.
Ik zou bijvoorbeeld af moeten vallen, maar aan de andere kant denk ik:
zoals ik nu ben, voel ik me ontzettend gelukkig en iedereen vindt me
prima. Ik voel me lekker in m'n lichaam, ik voel me lekker in m'n relatie
(met Fred, haar toenmalige vriend, ED). Dat straal je volgens
mij uit: een soort geluk.
1997:
In Nederland hadden we tot voor drie jaar terug weinig problemen met
de boulevardpers. Toen ik naar Duitsland ging, waar het heftiger
toegaat, is iets van die hardheid naar Nederland overgewaaid. Opeens
had je in Nederland paparazzi. Voor het eerst moest ik in de spiegel
kijken voordat ik het huis uit ging. Ik kon op elk moment gefotografeerd
worden.
1991:
Vind ik ook leuk. Ik acteer natuurlijk al een beetje, in de Billy Hotdog
Show. Dat is een kinderprogramma dat ik niet zo maar presenteer. Ik moet
er af en toe boos in worden, het op een janken zetten. Dat is meer dan
een gewone presentatie-klus.
Weet je, een bioscoopfilm lijkt me hartstikke leuk. Maar helaas worden
er steeds minder films gemaakt in Nederland. Ik heb een paar keer
halfvage aanbiedingen gehad, maar tot iets concreets is het nooit
gekomen.
1988:
De hollandse gezelligheid en kneuterigheid spreken me aan. Wonen in het
buitenland zou moeilijk voor me zijn. We doen veel spelletjes in de
familie: Risk, kaarten, Backgammon, biljarten. Ik zou het niet willen
missen.
1987:
Ik ben ontzettend gelukkig. Mijn werk is fantastisch. Financieel zit ik
lekker. Ik heb een goeie relatie. Ik leef in een heerlijke wereld.
Maar ooit zal ik mijn portie ellende krijgen. Het gaat zo goed allemaal.
Kan dat blijven duren?
1991:
Als je dood bent, ben je dood. Dan is er niks meer. Je komt niet terug
als kanariepietje, je ziel fladdert ook niet in het rond. Het is punt,
uit.
Officieel ben ik rooms-katholiek. Mijn oma van moederskant vond het
belangrijk dat mijn broer en ik gedoopt zouden worden, dus dat is
gebeurd. Ik moest ook naar een christelijke lagere school. De Da Costa
School in Hilversum. Streng religieus, elke maandagmorgen de Psalm van
de Week zingen en 's zondags speelde ik blokfluit in de kerk. Het geloof
werd er ingestampt, net zoals de boeken van het Oude Testament: Genesis,
Exodus, Leviticus, Numeri, Deuteronomium, Joshua, Richteren, Ruth,
Samuel, ik ken ze nog uit mijn hoofd. Elke ochtend hadden we bijbelse
geschiedenis. Dan werden er verhalen uit de bijbel voorgelezen. Ik moet
zeggen, die boeiden me mateloos, ik hing aan de lippen van de meester.
En mijn hemel, wat was ik toen gelovig. Als mijn vader overdag vloekte,
ging ik 's avonds stiekem op mijn knietjes en bad: Oh lieve Heer,
vergeeft U het hem alsjeblieft.
Vervolgens ging ik naar een openbare middelbare school en binnen twee
jaar was het geloof uit mij verdwenen.
1991:
Het onbevangen kijkgenot is door mijn vak bedorven. Ik observeer: Wat doet
Ivo, wat doet Ron Brandsteder in zijn Honeymoonquiz. Ik ontleed wat daar
gebeurt, zoek naar wat eraan mankeert, naar wat er goed aan is. Ik kijk
dus op een heel rare manier naar televisie.
Wanneer ik bij mijn broer John op bezoek ben en de televisie staat aan,
dan moet dat een verschrikking zijn voor de andere mensen in de kamer.
We hebben het continu over: Dat ziet er niet uit, wat is dat vreemd
belicht, wat een knullig spelletje, daar schort nog wel het een en ander
aan. Het is een en al commentaar. Als ik me echt wil ontspannen, ga ik
niet naar een showprogramma kijken, maar naar een goeie film, een mooie
documentaire of een actualiteitenrubriek. Maar eerlijk gezegd ga ik liever
een avondje uit, dan dat ik naar dat kassie kijk.
1991:
Ik had flaporen ja. Niet echt van die vreselijke, maar ze stonden een
beetje van mijn hoofd af. Ik ben er niet zo lang geleden - in 't diepste
geheim - aan geopereerd. Toch kwam Prive erachter, dat was balen. Had 't
liever voor mezelf gehouden.
1997:
Ik verklap jullie een geheim: Sinds een jaar heb ik een Porsche 911. Dat
was voor mij een hele moeilijke beslissing. Ik heb mijn leven lang van een
mooie auto gedroomd. Nu ben ik 33 en moeder, ik heb het verdiend.