WP 19 Neutrale inworpen
WP 19.1
Een neutrale inworp wordt toegekend:
(a) als bij het begin van een speelperiode een scheidsrechter van mening is dat de bal zodanig terecht gekomen is, dat dit duidelijk in het voordeel van één ploeg is;
(b) als één of meer spelers van beide ploegen tegelijkertijd een fout begaan, waarbij het voor de scheidsrechters onmogelijk is te onderscheiden wie de eerste overtreding maakte;
(c) als beide scheidsrechters op hetzelfde moment een fluitsig naal geven voor gewone fouten van verschillende ploegen;
(d) als spelers van beide ploegen tegelijkertijd een uitsluitings fout begaan, hetzij gedurende werkelijk spel dan wel in dode tijd. De neutrale inworp vindt plaats na de uitsluiting van de overtredende spelers;
(e) als de bal een hindernis boven het water raakt of daarop blijft liggen.
WP 19.2
Bij een neutrale inworp, werpt een scheidsrechter de bal op het water ongeveer ter hoogte van de plaats waar het voorval zich voordeed en op een zodanige wijze dat de spelers van beide ploegen met gelijke kansen in staat zijn de bal te bemachtigen. Een neutrale inworp toegekend binnen het twee-metergebied wordt genomen op de twee-meterlijn.
WP 19.3
Als de scheidsrechter bij een neutrale inworp van mening is dat de bal zodanig terecht gekomen is dat dit duidelijk in het voordeel is van een der ploegen, laat hij zich de bal aangeven en neemt hij de neutrale inworp over.