Terug naar overzicht

WP 20 Vrije worpen

WP 20.1
De scheidsrechter geeft door middel van fluitsignalen de fouten aan.

WP 20.2
De tijd toegestaan aan een speler voor het nemen van een vrije worp is overgelaten aan het oordeel van de scheidsrechters; deze is redelijk en zonder onnodig oponthoud maar betekent niet onmiddellijk. Wanneer een speler die duidelijk in de meest redelijke positie ligt om een vrije worp te nemen deze niet neemt, begaat deze een overtreding.

[Opmerking: Voor de manier van nemen van de worp zie de opmerking bij WP 17.2]

WP 20.3
De verantwoordelijkheid voor het werpen van de bal naar de speler die de vrije worp gaat nemen berust bij de ploeg aan wie de vrije worp is toegekend.

WP 20.4
Een vrije worp wordt genomen op een manier, die de andere spelers in staat stelt waar te nemen wanneer de bal de hand verlaat van de speler die de vrije worp neemt. Het is de nemer van de vrije worp toegestaan de bal mee te voeren of op te zwemmen (dribbelen) voordat hij de bal plaatst naar een andere speler. De bal is onmiddellijk in het spel zodra hij de hand verlaat van de speler die de vrije worp neemt.

WP 20.5
Zou de wedstrijd worden onderbroken als gevolg van ongeval, letsel, ziekte, bloeding of andere niet voorziene redenen, dan wordt aan de ploeg die op het moment van onderbreking in balbezit was een vrije worp toegekend op de plaats waar de wedstrijd werd stil gelegd, wanneer de wedstrijd weer wordt hervat.

WP 20.6
Een vrije worp, genomen vanaf een verkeerde plaats wordt overgenomen.