| 1. Zwemmen Een agent loopt langs de gracht. Opeens ziet hij een man in de gracht spartelen die roept: "Help, help, ik verdrink." Zegt de agent: "Da's maar goed ook: anders kreeg je een prent, want je mag hier niet zwemmen!" 2. Sexbioscoop Een man in een sexbioscoop zit verschrikkelijk te kreunen. Andere mensen storen zich eraan. De ouvreuse gaat naar de man toe en zegt dat hij niet zo hard moet kreunen, omdat ze anders de politie erbij haalt. "Ohhh, ahhh, dat is goed, oehhhh, ik zal het proberen," zegt de man. Maar de man weet van geen ophouden. De ouvreuse belt naar de politie. Even later gaan twee agenten de bioscoop in, waar de man nog steeds hard zit te kreunen. "Wat is uw naam?" vraagt de agent. En de man zegt: "Ahhh, Jansen, ohhh." "En waar komt u vandaan?" vraagt de agent. Zegt de man: "Ahhh, ohhhh, van het balkon." 3. Dreggen Er loopt een stomdronken vent langs de Zuidwal. Is de politie aan het dreggen met van die lijnen. Vraagt die vent aan die agent: "He, wat doen jullie hier?" Zegt de agent: "We zoeken een man." Zegt-ie: "Waar hebben jullie die voor nodig?" 4. Ongelovig Ik werd laatst met mijn auto aangehouden op de Coolsingel. Vraagt die agent: "Meneer, heeft u gedronken?" Ik zeg: "Wat zegt u, ober?" Foutje natuurlijk, dus die agent vraagt nogmaals of ik gedronken heb. Ik zeg: "Een biertje of dertig, een paar whisky's en een paar glazen wijn." Zegt die agent: "Dan moet u toch even blazen." Ik zeg: "Hoezo? Geloof je me niet?" 5. De olifant Er loopt een olifant door de P.C. Hooftstraat in Amsterdam. Opeens blijft hij voor een juwelierszaak staan. Met zijn poot drukt hij de ruit in, zuigt met zijn slurf de hele etalage leeg en trekt een sprintje. Meteen gaat het alarm af. Binnen korte tijd is de politie er. De straat wordt afgezet. Een agent vraagt of er getuigen waren. "Ja," zegt een oud vrouwtje, "ik heb het gezien." "Hebt u de dader gezien?" vraagt de agent. "Ja," zegt de vrouw, "het was een olifant." "Mooi zo," zegt de agent: "Als we hem met u confronteren, zou u hem dan herkennen?" "Nee," zegt de vrouw. "Nee?" vraagt de agent: "Waarom niet?" Zegt de vrouw: "Hij had een nylonkous over z'n kop." 6. Steeds harder Er rijdt een man over de snelweg. Hij rijdt zo'n 140, 150 kilometer per uur. Hij wordt opgemerkt door een politie- porsche die de achtervolging inzet. De man gaat steeds harder rijden: 170, 180, 190 kilometer per uur. Maar uiteindelijk wordt hij door de politie klem gereden. "Waarom rijdt u zo hard?" vraagt de politie-agent. "Tja," zegt de man: "Vorige week is mijn vrouw er vandoor gegaan met een politie-agent. En nou was ik als de dood dat je haar terug kwam brengen." 7. Lijn van drie meter Er loopt een jongetje met een hond aan de lijn. De lijn is wel drie meter lang. Komt er een politie-agent langs, die vraagt waarom die lijn zo lang is. De jongen zegt: "Die hond die stinkt zo." "Nogal wiedes," zegt de agent: "Die hond is loops." "O," zegt de jongen, "ken jij 'm dan niet dekken? Ik heb altijd al een politiehond willen hebben." 8. Bankovervaller Een bankrover schuift een briefje door het loket van de bank; Direct al je geld in deze tas, De kassier schrijft er achterop; Doe je das goed; je wordt gefilmd. 9. Dreigbrieven 'Ik krijg de laatste tijd steeds dreigbrieven en ik weet niet wat ik daarmee aan moet.' 'Ga er eens mee naar de politie, daar weten ze er wel raad mee.' 'Nou...... dat weet ik niet, ze komen van de belasting.' 10. Gevonden Twee Belgische politiemannen vinden in het park twee bommen. Die willen ze naar de commissaris brengen. Als ze in de auto zitten zegt de een tegen de ander:"Wat doen we als er een ontploft?" "Dan doen we net of we er, maar een hebben gevonden." |