Sparen en beleggen
Dit hoofdstuk behandelt hoe je met geld om kunt gaan. Besproken worden de volgende
strategieën:
In de laatste paragraaf wordt alles nog eens overzichtelijk samengevat.
Om het verschil tussen sparen en beleggen duidelijk te krijgen stel ik mijzelf
de volgende reële vragen: Wat gebeurt er met 10.000 als ik het op een
spaarrekening zet, of bijvoorbeeld in aandelen beleg? Wat gebeurt er met
het geld als ik niets doe? Dit laatste heeft te maken met geldontwaarding.
Daarbij ga ik uit van een inflatie van 2,5% per jaar, een rentevergoeding
op een spaarrekening van 4,0% en een voorzichtig geschat jaarlijks rendement
op aandelen van 10,0%. De antwoorden op deze vragen heb ik opgenomen in de
volgende tabel.
9.750
Strategie
Na 1 jaar
Na 5 jaar
Na 10 jaar
Na 20 jaar
Na 40 jaar
"Oude sok"
8.811
7.763
6.027
3.632
Sparen
10.150
10.773
11.605
13.469
18.140
Beleggen
10.750
14.356
20.610
42.479
180.442
"Oude sok"
De resultaten spreken voor zich denk ik. Natuurlijk heeft u naar 40 jaar
nog steeds 10.000 als u het in een "oude sok" stopt. Alleen de waarde van
die 10.000, de koopkracht, is tegen de huidige euro feitelijk maar 3.632
euro waard. Het geld heeft dus in 40 jaar een waardevermindering van bijna
2/3 ondergaan. Je kunt ook zeggen dat de wereld over 40 jaar drie keer zo
duur is geworden. Naast andere overwegingen, zoals diefstal of brand is het
dus niet slim om in huis te hebben. Geld moet werken!
Sparen
In het algemeen kunnen we stellen dat sparen zich niet leent voor vermogensgroei.
Sparen is echter zeer geschikt voor uitgestelde consumptie. Het geld dat
u nu opzij legt, wendt u op een later tijdstip weer aan om er een wasmachine
of auto voor te kopen. Een voordeel van sparen is bovendien dat het zonder
risico is. Een erg prettige gedachte als het bijvoorbeeld om uw pensioen
gaat. De 10.000 die u nu opzij zet krijgt u exact weer terug. Niet meer en
niet minder!
Ten opzichte van de vorige strategie lijkt sparen het al veel beter te doen.
Doordat het geld tegen rente op een bank- of girorekening staat, doet u iets
aan de geldontwaarding. Na 40 jaar is de koopkracht van het geld bijna
verdubbeld. Een kanttekening is echter op zijn plaats. Sparen is alleen
interessant bij relatief kleine bedragen tot ongeveer 10.000 euro per
volwassene. Komt u over deze grens dan ontvangt u bij 4,5% rente 450 euro (=1.000
gulden!) rente en moet u belasting over de rente-inkomsten gaan betalen. Valt
u bijvoorbeeld in het 50% tarief dan resteert een netto rentevergoeding van
2,25%. Dit is minder dan de geldontwaarding en u bent weer terug bij af! Dit geldt
overigens niet als u voor uw pensioen spaart. Dan gelden er andere fiscale regels.
Beleggen
Hierover vindt u verderop in deze site meer informatie.
Het zal u duidelijk zijn! Bij beleggen in aandelen doet u werkelijk iets
aan vermogensgroei. In 40 jaar tijd gaat de waarde, dus koopkracht, van uw
geld maar liefst 18 keer over de kop als u uitgaat van 7,5% reëel rendement
per jaar. U loopt echter risico's. De kunst is deze risico's te beheersen,
door:
Speculeren
Speculeren noem ik consumptief beleggen.
Naast sparen en beleggen is er ook nog zo iets als speculeren. Mijn ervaring
hiermee is niet zo positief . Als u op korte termijn geld wilt verdienen
op de beurs bent u op deze site aan het verkeerde adres. Speculeren is om
de volgende redenen niet aan te bevelen:
Samengevat
Sparen en beleggen zijn beide noodzakelijk. Het is niet het een of het ander,
maar beide tegelijkertijd. Het belangrijkste is echter wel dat u het juiste
doet in de juiste situatie. Dus niet gaan beleggen met gelden die nodig zijn
voor consumptieve uitgaven, andere basis behoeften of gewenste toekomstige
zekerheden, maar wel een overwogen risico nemen met een deel van uw maandelijkse
gereserveerde gelden voor later, want het loont.
naar begin
Voor
Risico
Spaardoel
Sparen
vermogensinstandhouding
geen
Uitgestelde consumptie
Gewenste zekerheden voor later
(auto, pensioen)
Beleggen
vermogensgroei
wel
Het appeltje voor de dorst
(gedeeltelijk voor huis of pensioen)