POËZIE |
Mijn eeuwenoud, mijn levenslang junkieverdriet Van geboortepijn tot nu mijn eenzaamheid Die ik deel met duizenden nu ik weet wat ik weet Dat de mens een naald is zoekend naar een ander Zoekend naar de kiespijn van zijn ver verleden. Junkieverdriet, bass-toon van deze tijd Waar de verschopte verschaalt in een dode hoek Van het denkperspectief, in de paranoia Van de kleine penis en de schizofrenie van schaamte. In deze wereld mijn waansisteem werd liefde Een misdrijf in het duister en reizen kruipen Uit de schaduw der ouders naar de schaduw van de dood. Verdrinken tijdens de armslag naar meer. Licht van alle licht, licht Dat niet dooft met de dagen en mijn geheugen Voortdurend doorschijnt, licht licht Dat niet zinkt in de stof het woord Dat muis is binnen klein bestek Licht dat bomen doorruist en water, licht Dat leeft op de vloedlijn bij springtij, Tussen afkick en hit, wit licht, witte hitte. Jotie T'Hooft |
![]() |
![]() |