| 11. Sigaar
Er zitten twee mannen in de trein die op het punt staat om weg te rijden.
En van die mannen moet heel nodig naar het toilet, maar hij kan er niet
langs en vraagt: "Wat moet ik doen?" 12. Treurig
"Wat kijkt die vent treurig", merkt een man op tegen zijn medereiziger. 13. Het station
Een dominee is de weg kwijt en vraagt aan een jongetje wat de weg is naar
het station. 14. Een boek
Een klant tot een verkoper: 15. Kruiswoordpuzzel Een man zit in de trein en wil graag een gesprek beginnen met de buur. Hij vraagt: "Is die puzzel moeilijk?" "Gaat wel, antwoord de buur, ik moet nu bijvoorbeeld weten een vrouwelijk lichaamsdeel van 6 letters. Begint met een V, dan een A en het eindigd op NA. " Horizontaal of verticaal? Horizontaal....Dan weet ik het niet! 16. Penthouse Een man stapt in de trein en gaat een coupe binnen waar reeds 3 mensen zitten. De man pakt een penthouse uit zijn koffer en legt vervolgens de koffer boven in het net. Vervolgens gaat hij rustig zitten en slaat de penthouse open. De andere kijken alleen wat vreemd naar elkaar en glimlachen wat. De man leest rustig door en heeft niet in de gaten dat de anderen wat vreemd kijken. Na een minuut of tien, als de man bij de centerfold is aangekomen, doet hij zijn broek open begint verheerlijkt aan zijn lul te trekken, als hij vervolgens na een paar minuten trekken spuitend klaarkomt, veegt hij het zootje schoon met z'n zakdoek, legt de penthouse opzij en pakt uit z'n binnenzak een pakje sigaretten en steekt er eentje op. Ondertussen kijken de anderen nu wel erg vreemd en kwaad naar de man en eindelijk heeft de man het in de gaten dat ze naar hem kijken en vraagt verbaasd:"Wat nou?? Jullie gaan me nou toch niet vertellen dat dit een niet-rokers coupe is!!!" 17. TREINCOUP
In een treincoupe zitten de volgende personen: een hoertje, een nonnetje, een nederlander en een duitser. Toen reed de trein door een tunnel en het werd pikdonker in de coupe. Na een half minuutje kwam ie weer onder de tunnel vandaan en toen zat de duitser met zijn handen in zijn gezicht. Hij had kennelijk een vreselijke klap in zijn gezicht gekregen, want het bloed sijpelde tussen zijn vingers door. Het nonnetje zag de situatie en dacht bij zichzelf: Ik denk dat ie zonet in het donker die dame van lichte zeden heeft willen pakken. En die duitser zal wel niet hebben willen betalen, dus zij zal hem wel in het gezicht geslagen hebben. Er zit een man in de trein, die steeds peper en zout uit het raampje naar buiten strooit. De man die tegenover hem zit, vraagt: "Waarom strooit u toch steeds peper en zout uit het raam?" "Dat is tegen de leeuwen," zegt de ander. "Maar het zijn hier toch helemaal geen leeuwen?" zegt de een weer. Zegt de ander: "Zie je wel dat het helpt!" 19. Geeft niks Er lopen drie dronken kerels het Centraal Station op. De trein staat op het punt van vertrek. De stationschef ziet het en slaagt erin twee kerels nog in de trein te duwen. Met de derde lukt het niet meer. De stationschef maakt zijn excuses: "Sorry, het is me nog net gelukt om die twee in de trein te krijgen, maar daarna begon de trein te hard te rijden om jou er nog in te krijgen..." "Geeft niks, hoor," zegt de dronken vent, "ik vind het voor hen rotter dan voor mij, want zij kwamen mij alleen maar wegbrengen!" 20. In de nachttrein Een man gaat met de nachttrein naar de wintersport. In de slaapcoup' komt hij tot de ontdekking dat hij de ruimte moet delen met een vrouw. Ze stellen zich aan elkaar voor. De vrouw gaat boven slapen, de man onder. Ze gaan in bed liggen, maar na een kwartier roept de vrouw: "Buurman, slaapt u al?" "Nee," zegt de man. "Ik heb het nogal koud," zegt de vrouw, "wilt u misschien het raampje dicht doen?" "Natuurlijk," zegt de man. Hij stapt uit bed, doet het raampje dicht en gaat weer liggen. Na een kwartier roept de vrouw: "Buurman, slaapt u al?" "Nee," zegt de man. "Het wordt nogal benauwd," zegt de vrouw, "wilt u misschien het raampje weer open doen?" "O.k.'," zegt de man. Hij stapt uit bed, doet het raampje open en gaat weer liggen. Na een kwartier roept de vrouw: "Buurman, slaapt u al?" "Nee," zegt de man. "Het begint nu toch weer koud te worden," zegt de vrouw, "maar ik heb gezien dat daar in het kastje nog een deken ligt. Wilt u die misschien voor mij pakken?" "We zouden natuurlijk ook net kunnen doen of we getrouwd zijn," zegt de man. "O, zou u dat willen?" vraagt de vrouw. "Ja hoor," zegt de man. "Nou, dat lijkt me ook wel fijn," zegt de vrouw. "Mooi," zegt de man: "Ga dan je nest uit, pak zelf die deken, ga je nest weer in, houd je kop en ga slapen." |