Dunedin, 23 februari - Zuidelijk Zuidereiland
Naar vorig verslag
Snel maar weer eens een update!
Ik was gebleven in Greymouth, waar de morgen na het bijwerken van de website een wat onaangename verrassing plaatsvond. Ross deed de koelkast open en vroeg waar ik de 'esky' (klein draagbaar koelboxje) had gelaten. Ik antwoorde dat het in die koelkast moest liggen, maar Ross zag niets. Toen pas merkten we de politieagent in de keuken op. Er bleek die nacht ingebroken te zijn en er waren allerlei spullen verdwenen: een mountainbike, een surfplank, een magnetron en dus..onze esky. Dan ga je toch denken: Wat in hemelsnaam moet iemand nou met een esky?? :|. Maar er bleek bier ingezeten te hebben en inbreken maakt dorstig denk ik. Gelukkig had de inbrekerman wel mijn vitaminepillen uit de esky gegooid en zal ik dus niet lijden aan vitaminegebrek. Ik vond het erg sneu voor Ross (na zn knie en nog meer dingen die kapot zijn gegaan), maar ik kon hem wat opvrolijken door te zeggen dat we geluk hebben gehad dat ze niet in de auto hadden ingebroken (die stond voor de achterdeur waar ze naar binnen zijn gekomen).
Anyway. Na alle details bij de politieman achtergelaten te hebben, (haha dat was wel grappig, net echt, met pen en papier en dat voor een esky) zijn we richting Punakaiki gereden om de vreemde 'pancake rocks' te bekijken: hele dunne pannenkoek-achtige (duh) rotsen. Erg grappig (en ik moest de hele tijd aan jou denken Mariel, kan het niet laten). Hierna zijn we weer teruggereden richting het zuiden, naar Hokitika. Omdat we vaak nogal laat zijn met het vinden van accomodatie (het is echt druk aan de westkust..relatief dan), verblijven we vaak op caravanparks en dan in een cabin of in de tent. Die cabins zijn een goed alternatief voor een bed in een hostel, want met zn tweeen betaal je vaak minder dan in een hostel. Dus ook in Hokitika verbleven we in een cabin, want wederom weinig geluk met hostels. In Hokitika zijn we onder andere naar gloeiwormen gaan kijken in het donker (ik vind zulke beestjes echt leuk (en helemaal als ze gewoon gratis voor je neus hangen)) en eindelijk naar een kiwi-huis gegaan. Kiwi-huizen zijn overal te vinden in Nieuw-Zeeland. Kiwi-huizen hebben vaak inheemse dieren, die bijna allemaal met uitstorven worden bedreigd, zoals de kiwi. (dat is even een ander verhaal: bijna elk museum in Nieuw-Zeeland draait om het vertellen van het trieste verhaal van het uitsterven van veel inheemse dieren (voornamelijk vogels), door de introductie van dieren zoals ratten, wezels, possums e.d. die alle hulpeloze nieuw-zeelandse vogelstjes opeten)(en dat is een triest verhaal, maar na een- of tweemaal dat verhaal weet je het wel...echt elk museum hoor je het hele verhaal opnieuw). En zowel Ross en ik hadden hier in Nieuw-Zeeland -met nationaal icoon de kiwi-, nog geen kiwi gezien. Ik moet zeggen dat ik echt in tijden niet zo dubbel heb gelegen als toen ik naar de kiwi's aan het kijken was. Ow wat een fantastische beesten zijn dat! Ze huppen met hun bolle lijfjes in het rond, echt super. Zelfs tranen over mn wangen!
Na Hokitika moesten we wel stoppen in het goudzoekersplaatsje 'Ross'. Ross helemaal trots dat ze een plaatsje naar hem hadden vernoemd. In Ross zijn we zelf met pan en schep naar goud gaan zoeken in de rivier. Ross heeft namelijk nog een actieve goudmijn en in de rivier kan je nog goud vinden. Dat moest natuurlijk geprobeerd worden. Na Shantytown met gegarandeerd goud, was dit een teleurstelling. Ross dacht een miniscuul stukje goud gevonden te hebben en ik heb hem maar in die waan gelaten.(Was ook erg blij met mijn macro-functie op mijn camera). Ikzelf nam genoegen met goudkleurige blaadjes. Dat zag er in ieder geval een stuk beter uit dan dat van Ross. We hebben ook een wandeltocht langs oude goudmijnschachten gemaakt.
Na het plaatsje Ross zijn we verder gereden naar een camping aan de kust in Okarito. We dachten lekker van de grote massa vandaan te zijn (en dat was het op zich ook wel...), tot een grote bus op de camping aankwam van een of andere tour. Jammer genoeg begon het ook nog eens te regenen, maar toch doorgezet met ons kampvuurtje. (De westkust staat bekend om de grote hoeveelheden regen in een jaar. Het heeft dan ook bijna elke dag geregend de afgelopen twee weken. Ook is het niet echt warm, koud dus. Dus mensen, qua weer hoeven jullie niet perse heel erg jaloers te zijn op me hoor). Maar de omgeving was erg mooi en ruig (enorme golven in de zee). Hierna zijn we verder gereden naar de twee gletsjers die te vinden zijn aan de westkust: de Franz Josef en de Fox-glacier. We wilden een van de twee beklimmen met een dagtocht en de Fox-gletsjer bleek de goedkoopste (want minder toeristisch), dus op weg naar Fox hebben we een wandeling gemaakt richting de Franz Josef (maar em niet beklommen). Dat was al enorm indrukwekkend. De volgende dag hebben we dan de Fox gletsjer beklommen in een volle dagtour op het ijs. Eerst ging de wandeling door het regenwoud en dan het grote moment: op het ijs staan. We kregen allemaal ijzers onder de schoenen en een stok en zijn zo de gletsjer opgelopen. Van een afstand is het minder goed te zien, maar als je er bovenop loopt blijkt het ijs hele mooie vormen te hebben en blijkt de gletsjer veel langer dan hij lijkt, doordat je opeens diepte ziet. Ik heb me echt heel erg vermaakt met die wandeling. Het was een leuke gids en een leuke groep en de gletsjer was echt supermooi.
In Fox kregen we toch wel het gevoel dat we een beetje moesten gaan opschieten. Twee maanden Nieuw-Zeeland is gewoon toch weer te kort om alles op het gemak te zien en te doen. Dus zijn we in een dag van Fox naar Wanaka gereden, met een israelisch meisje op de achterbank als lifter. De weg over de Haast-pass was echt supermooi, onbeschrijfelijk. Hier begint de wereld van de Lord of the Rings echt, qua bergen, meren en overal groen. In Wanaka zijn we naar 'Puzzle World' gegaan. Ross als wiskundige (hij heeft o.a. wiskunde gestudeerd) stond te trappelen om naar binnen te gaan. Puzzle world bestond uit twee gedeelten: een doolhof en een gezichtsbedrog-gedeelte. Het doolhof zou minimaal 30 minuten duren (en kon oplopen tot 1,5 uur!) en onze uitdaging was natuurlijk om het sneller te doen dan die 30 minuten. Ik moet zeggen dat de wiskundige benaderingen van Ross ons aardig op weg hebben geholpen en helaas kwamen we na 34 minuten bij de uitgang..net niet gelukt. Het gezichtsbedrog gedeelte was erg grappig: met kamers waarin het lijkt dat de ene persoon heel groot is en de andere heel klein. Zulke dingen. Ook waren er in de hal allemaal verschillende puzzels en met puzzelfanaat Ross duurde het dus wel even voordat we weer op weg waren, richting Queenstown. In Queenstown zijn we twee nachten gebleven en we hadden dus een hele dag om de stad te exploreren. Queenstown is echt supermooi gelegen tussen bergen. Ik had er al veel over gehoord en plaatjes gezien, maar als je het dan zelf ziet is het toch weer anders. We zijn met de gondola de heuvel opgegaan en vanaf daar hadden we echt een prachtig uitzicht over Queenstown, de bergen en het meer. Op de heuvel heb  ik ook nog een ritje met een roddelkarretje gemaakt. Whoei. Na Queenstown (trouwens echt een alpiene stadje) zijn we via Te Anau naar Milford Sound gereden. Het is een hele omweg om naar Milford Sound te rijden, maar de weg van Te Anau naar Milford Sound is de allermooiste die ik heb gereden in Nieuw-Zeeland. Overal om je heen bergen, meren, watervalletjes. Dit gebied wordt Fiordland genoemd en krijgt jaarlijks 6 meter regenval (!). Het regende dan ook flink, maar af en toe was het ook wel weer droog. De regen zorgt voor echt spectaculaire uitzichten: het leek net of de bergen aan het huilen waren: overal watervalletjes, van grote hoogten, zo mooi! Je moet trouwens ook een tunnel doorrijden in het midden van de route. Dit is een erg smalle tunnel van 1,5 km en er is geen verlichting binnenin. Doodeng. Ik was blij dat Ross reed. In Milford Sound hadden we bedacht om twee nachten te kamperen. De enige accomodatieplek was vol, maar we konden dus nog wel een campingplek krijgen. De volgende morgen zijn we naar de 'haven' gereden (milford sound bestaat eigenlijk alleen maar uit een kade met boten voor toeristen). En rara wie kwam ik tegen in de vertrekhal van de boten?: Inge en Yvette, de twee nederlandse meisjes waar ik in de eerste twee weken van mijn reis samen mee heb gereisd in Australie. Ik wist dat ze ergens in de buurt hadden moeten zijn, maar het is toch zo toevallig dat je elkaar dan weer ziet! Ze bleken wel een andere boot te hebben. De boottocht was wederom fanastisch: ik denk mijn hoogtepunt van het zuidereiland: overal steile, groene bergwanden om je heen, overal watervalletjes. Het begon echter te stormen toen we al op de boot waren en toen we weer aan land waren hoorden we dat we geluk hadden gehad, want de rest van de boten na ons bleken gecancelled door de storm. Storm hier is echte echte storm met bakken vol regen en enorme windstoten (die van de oceaan afkomen) en toen we weer terug waren op de camping vreesden we voor onze tent. Deze bleek nog te staan en zelfs niet gelekt te hebben, maar we wilden er niet in slapen die nacht, dat was te gevaarlijk. Helemaal zeiknat de tent afgebroken in de wind (dat is best wel een kunst) en een alternatief bedenken (de accomodatie hier was vol). Ik heb wat rondgebeld en ver weg in Manapouri bleek nog een cabin vrij te zijn, dus in de namiddag zijn we 2,5 uur gaan rijden richting Manapouri. Wat een rare dag was dat zeg.. De cabin in Manapouri bleek een leuk klein huisje te zijn en we zijn hier twee nachten gebleven. We zijn onder andere naar het wildlife centre in Te Anau geweest, waar we weer veel met uitsterven bedreigde inheemse vogels bewonderd hebben. Ook hebben we een wandeling gemaakt op een van de bekendere grotere meerdaagsewandeltochten: Kepler Track. In plaats van meer dagen hebben wij een wandeling gedaan van twee uur, naar een uitkijkpunt. Hier is weer een gedeelte van Lord of the Rings opgenomen (Death Marshes..ik denk het gedeelte waar ze in het moeras lopen). Na Manapouri was het afscheid nemen van mooi Fiordland en zijn we begonnen aan de Southern Scenic Route die langs de zuidkust loopt. We zijn onderweg veel gestopt, bij grotten, stranden en uitkijkpunten. Er is zoveel te zien op die route. Overnacht in Invercargill en van daaruit in een dag (en dat was wel even doorpezen) naar Dunedin. (Dit spreek je uit als: Dun-iedin..en dat was even wennen). Vooral op deze route van Invercargill naar Dunedin is veel te zien. We zijn naar Bluff geweest (in Nieuw-Zeeland zeggen ze "van Cape Reinga tot Bluff", oftewel van het noordelijkste puntje tot het zuidelijkste puntje (wat niet helemaal waar is trouwens geografisch gezien, het zuidelijkste puntje is verderop)(het noordelijkste puntje trouwens ook). Maar ik ben nu op allebei de plekken geweest en kan dus met trots zeggen dat ik heel nieuw-zeeland gezien heb...ofzoiets. De toeristische route gaat ook over een gedeelten met alleen maar ongeasfalteerde weg en dat geeft echt het jaren-terug-in-de-tijd-gevoel, erg leuk.
Bij Waipapa-point kan je trouwens zeeleeuwen zien. Wij richting het strand lopen, bleek er opeens eentje voor onze voeten te liggen, een paar meter verderop: schrikken! Ze kunnen nogal agressief worden, lazen we later op een bordje. Toen we even later onze lunch bij de auto wilden gaan eten kwam er opeens eentje de bosjes uit lopen, richting ons en met niet zo'n klein beetje snelheid ook. Snel de auto ingegaan en de auto een eindje verderop geparkeerd. Eng man, maar wel gaaf. Verder waarschijnlijk pinguins gezien, maar die zaten heel erg verweg  op een rots en het hadden net zo goed andere vogels kunnen zijn. Maar de amerikaan naast me was er 100% zeker van, dus dat wil ik graag geloven.
En nu dan, na een lang verhaal, in Dunedin. Een stad die gesticht is door de schotten en vol met studenten en dat is ook wel te merken aan bepaalde gebouwen en aan de cafeetjes.
Nog maar een week in Nieuw-Zeeland en dan alweer terug naar Australie. De tijd hier is echt heel erg snel gegaan, maar ik moet zeggen dat ik wel zin heb om weer terug te gaan naar Australie. Daar heb ik alle tijd om te blijven hoe lang ik wil op elke plaats en dat is wel een beetje een nadeel van mijn tijd in Nieuw-Zeeland. Het wordt ook tijd om een baan te gaan zoeken zodra ik in Australie aankom..het geld raakt nogal op..Maar werken in Australie lijkt me een leuke ervaring. Ik hoop dat ik nog weet hoe ik moet werken :).
Hele dikke kus
Sanne
Naar volgend verslag
Home

Wie ben ik?

Voorbereiding

Route

Reisverslagen

Foto's

Gastenboek