Wellington, 26 januari - Noordereiland
Naar vorig verslag
Hee mensen!
Tjee het is veels te lang geleden. Alweer zoveel gebeurd in de tussentijd, dus laat ik maar snel beginnen.
Op 10 januari stond vroeg in de morgen toeterend de Magic-bus voor onze deur. En een of andere malloot die we 'Monkey' mochten noemen was onze chauffeur die alles 'sweet' vond..oh mijn god, dit zou nog wat worden. Al toeterend de straten van Auckland door met knallende muziek (wel leuke muziek trouwens) en een hyperactieve chauffeur: de magic bus. Tenminste dat was wat ik als eerste indruk had. De Magic-bus stopt op plekken waar reguliere bussen niet stoppen en dus zie je onderweg nog wat meer dan slechts asfalt (dit was ook de reden waarom we voor de magic-bus hadden gekozen). En toen ik eenmaal wat gewend was aan een springende en zingende 'Monkey' vond ik het ook wel weer best om net als alle andere backpackers in de bus vervoerd te worden als vee, maar vooral omdat we maar een maand hadden voor het noordereiland en ik ondertussen verwend ben door te vinden dat dat weinig is. Oftewel: het is niet mijn ideale idee van rondreizen, maar met de tijdslimiet die ik heb de best mogelijke.
Ik ben eerst richting het noorden gegaan: Northland. Typisch voor dit gebied zijn de grote Kauri-bomen, die bijna allemaal gekapt zijn, maar waarvan er nog wel een paar mooie exemplaren overeind staan. We zijn naar het Kauri-museum geweest. Beetje raar museum. Leek wel of ze het kappen van die bomen promoten. Ik merkte dat ik een beetje boos werd over het hele kappen van al die oude bomen. Northland bestaat uit golvend graslandschap. Dit zou op zich een mooi gezicht kunnen zijn, maar ik kan op de een of andere manier niet stoppen met denken dat er jaren geleden nog grote Kauri-bomen stonden. Dit heb ik trouwens met het hele Noordereiland van Nieuw-Zeeland. Ik blijf me maar afvragen wat nou 'echt nieuw-zeelands' is en wat niet.
We stopten voor een wandeling door het Waipoua Kauri Forest om de mooie grote Tane Mahuta (God van het bos) te zien. Supergrote boom, erg mooi om te zien. Hyperactieve Monkey ging echter alweer veels te snel weg met de bus, dus besloten Ross en ik uit te stappen bij het volgende plaatsje: Opononi, zodat we de volgende dag de kans hadden om nog terug te gaan naar het bos.(Je kan overal uitstappen van de Magic-bus en dan de volgende dag weer opstappen). De volgende dag kregen we een lift van twee belgen (belgen zijn lief) naar het bos en hebben we in alle rust door het bos kunnen lopen. Echt erg mooi. Die avond kwamen we aan bij Paihia, het toeristische mekka voor mensen die de Bay of Islands willen zien. Daar heb ik in een zeer relaxed en erg huiselijk hostel gezeten voor 3 nachten. Vanuit Paihia hebben Ross en ik een dagtocht gemaakt naar Cape Reinga, het bijna noordelijkste puntje van Nieuw-Zeeland. Dit was echt een supertrip. Onderweg hebben we over 90-mile beach gereden met de bus. Je rijdt dus met de bus over het strand (dat deed me terugdenken aan mijn Fraser-Island trip in Australie). Er schijnen nogal wat ongelukken te gebeuren: bussen die de zee in worden gesleurd enzo, maar ik denk dat onze buschauffeur het ook wel leuk vond alles wat aan te dikken. Hierna stopten we bij superhoge zandduinen en het zou Nieuw-Zeeland niet zijn als ze daar ook niet een sport bij hadden bedacht: we gingen zandsurfen. Eerst klim je dan de superhoge duin op (dit is de reden dat ik het maar twee keer gedaan heb trouwens), dan ga je op je buik op je surfplankje liggen en dan glij je dus met een rotgang naar beneden en dan glij je heel mooi naar beneden of dan val je voorover het zand in en doe je zandhappen (ik dus). Ik heb me erg vermaakt in ieder geval :)
Daarna het noordelijkste puntje: raar om te staan en supermooi uitzicht op de twee oceanen die hier bijelkaar komen: Tasmaanse zee en de pacific. De trip zat ik trouwens naast een oudere duitse vrouw van 63. Die heeft ook gewoon naar beneden gesurft, echt cool. Ze had hele speciale verhalen over haar leven en het was best bijzonder om met haar gepraat te hebben.
De volgende dag zijn Ross en ik een speedboot ingestapt om de Bay of Islands te ontdekken. We hadden kunnen kiezen voor een langzamere boot, maar dat was bijna even duur, dus toen was de keuze snel gemaakt. Ik heb me zeer vermaakt in die boot, die wild op en neer ging en met een enorme snelheid ons de pracht van de natuur heeft laten zien. De grootste attractie is: The Hole in de Rock, dat is zoals de naam al wel doet vermoeden een rots met een gat erin (duh) en wij zijn er met onze speedboot onderdoor gekneurd. Dat was eigenlijk best spannend, want de golven waren behoorlijk groot en wild en ik geloof niet dat een andere boot eronderdoor is gevaren. Op de terugweg kwamen we dolfijnen tegen die met onze boot gingen meezwemmen. Super!! Toen we terugkwamen in het hostel werden we onthaalt door de vrouw van het hostel (normaal erg aardig). Zij vroeg ons waarom we niet hadden uitgecheckt en waarom onze spullen nog in de kamer lagen. Wij maakten haar duidelijk dat we voor 3 nachten hadden betaald. Zij kon zich er niets van herinneren en wat doe je dan zonder bewijs (soms krijg je een bewijs van betaling, maar meestal niet en we hadden er nog nooit last mee gehad)..uiteindelijk ging ze ons op ons woord geloven, maar de rest van de avond voel je je dan niet echt gemakkelijk. Heb je eindelijk eens gewoon betaald, heb je het gevoel dat je iets hebt gedaan dat niet mocht. Maar goed..volgende keer maar steeds een bonnetje vragen..
De volgende dag werden we na een middagvullende reis door de magicbus van Paihia naar Auckland gebracht: naar Bamber-House. Dit is een hostel iets buiten het centrum en echt superrelaxed. We zagen op de parkeerplaats een auto te koop staan voor 850 dollar. We hebben een briefje onder de ruitenwisser gedaan dat we misschien wel geinteresseerd waren om de auto te kopen. De eigenaar klopte ons de volgende dag natuurlijk uit bed en vertelde dat ie binnen twee dagen de auto moest verkopen, omdat ie wegging uit Nieuw-Zeeland en dat we em voor 800 dollar konden kopen. Voorzichtig als we allebei zijn in dat soort dingen zijn we niet direct op het aanbod ingegaan. Het is weinig geld voor een auto, maar veel geld voor een auto die het misschien/waarschijnlijk niet goed doet. De Deen (eigenaar) bleek naar de car-market te gaan en hij zei dat we, als we em wilde kopen, maar daar heen moesten komen. We zijn na het onbijt daarheen gehaast, hopende dat de auto er nog was, want het idee van een eigen auto was zo aanlokkelijk. Om een hele lange en vermoeiende dag kort te maken hebben we de auto uiteindelijk laten testen door een mechanic, bleek het een wrak en hebben we em niet gekocht. Ik was behoorlijk aan het balen erna. Zo dichtbij een eigen vervoermiddel. Dat zou zo lekker geweest zijn. De volgende dag hebben we maar weer een busticket van Magic gekocht, voor de rest van het Noordereiland. 
De volgende dag vertrok de bus definitief uit Auckland. Eindelijk. Ik heb voor mijn gevoel veel te veel tijd in deze stad doorgebracht. Het heeft mijn hart niet gewonnen. 's Middags kwamen we met de bus aan bij de Waitomo Caves, de glimwormgrotten. We konden kiezen tussen een 'droge' en een 'natte' versie door de grotten en aangezien "Black water raften" (de natte versie) erg aanlokkelijk en spannend klonk heb ik dat gedaan. Het begon met het jezelf in een wetsuit hijsen. Dat schept al een band met je medelotgenoten, erg leuk met al die meiden in de kleedkamer lopen klooien. In wetsuits, helmpjes en met een rubberen band liepen we uiteindelijk de grotten binnen. Black water rafting bleek, niet zoals ik dacht in een boot (zoals bij het normale raften), maar in die rubberen band. We liepen de grot in. Super om die glimwormen te zien: net sterretjes. Toen begon het avontuur: iedereen moest in de band gaan zitten en dan hou je de voeten van degene achter je vast en leg je je voeten bij degene voor je in zn nek. Zo vorm je dan een treintje die door het water van de grot vaart, zonder licht aan, maar met licht van de glimwormen. Tweemaal een waterval, waar je dan vanaf moet springen het water in. Ross vond er niet zoveel aan (had meer actie verwacht bij het woord raften), ik vond het wel geinig en die wormen zijn erg mooi. Die dag eindigde in Rotorua: de plaats die naar rotte eieren stinkt. Het hele midden van het noordereiland is vulkanisch gebied. In de buurt van Rotorua zijn een heleboel hot pools en thermale gebieden: stoom komt naar boven (stoom=gegarandeerde stank) en water en modder sputtert omdat het kokend heet is. We zijn naar Te Whakarewarewa Thermal Village geweest (trouwens een mooi voorbeeld van hoe al die Maori-namen zijn hier. Dan vraag je medereizigers waar ze geweest zijn, komt er een stroom onuitspreekbare plaatsnamen uit en weet je nog niet waar je dus naar toe moet). In dit plaatsje wonen Maori's, maar het hele plaatsje is natuurlijk een toeristische attractie. Je vraagt je dus steeds af hoe ze nou echt leven en wat er nog over is van de tradities. Supermooie stomende modderpoelen en een geiser gezien. En dansende Maori's. Ze kunnen echt erg mooi zingen vind ik. Zou zo mee willen doen (oh ja over mijn karaoke-filmpje..ik wil mezelf even indekken door te zeggen dat ik mezelf niet kon horen he dus enzo).
De volgende dag verder gereden naar Taupo. Onderweg bij het mooie Wai-o-Tapu gestopt: thermaal gebied met prachtige kleuren door de vulkanische activiteit: rood, gifgroen, geel etc. Super!
Taupo ligt aan het Lake Taupo: een grote vulkaan. Maar voor mij kwam de spanning niet van een eventuele uitbarsting, maar Taupo was voor mij de plek van mijn SKYDIVE! Het was afwachten of het allemaal wel door kon gaan, in verband met het weer. 's Ochtend keek ik uit het raam, hoopte een heel klein beetje stiekem op bewolkt rotweer, maar het bleek een stralende dag te worden. Shit! Ik moest dus vandaag echt gaan skydiven (parachutespringen dus). Ik was een klein gezond beetje zenuwachtig toen ik aankwam op het vliegveld. Ik bleek een van de laatsten te zijn, dus moest lang wachten. Genoeg tijd om te zien dat er een reserve-parachute naar beneden kwam dwarrelen  Ik dacht dat er iemand aan het worstelen was om de parachute goed te krijgen en dus naar beneden te pletter zou vallen. Het bleek slechts een parachute te zijn en iedereen van die groep kwam veilig beneden, maar vanaf dat moment was ik toch behoorlijk zenuwachtig. Mijn tandempartner/begeleider was Mike en in het vliegtuigje (proppen met zn allen) schrok hij zich te pletter: ik had het verkeerde harnas aan. Hij vroeg of ik terug wilde met heet vliegtuigje om een ander harnas te halen of dat ik de gok wilde wagen. Ik was perplex en wist niet wat ik wilde. Ik wilde wel een goed harnas in ieder geval. Hij overlegde met zn collega en toen vroeg ik of het niet een grap was. Hij klopte me op zn schouder met een brede grijns: alles was ok, ik had het juiste harnas en ik moest alleen maar gaan genieten van mn val. Eikel!! Ik was een van de middelste, en kon dus een aantal naar beneden zien vallen. Het luikje ging open en het is zo vreemd om dan die mensen te zien wegsjooofen. Dan zie je de aarde op 4 km van je af en vraag je je af wat je in hemelsnaam gaat doen en hoe het zal voelen, dat vallen. Je hebt niet veel keus. Mike ging zitten en omdat ik aan hem vastzat, ik ook. Hij lachen naar de camera, ik keek naar boven en dan kiepert hij het hele zaakje om en dan val je. Waaaa. Raar!! Het dominante gevoel was: dit is raar dit is raar. De eerste paar seconden voel je je ook echt vallen, maar daarna voel je niets meer, behalve de wind. Na 45 seconden ging de parachute open en bungelde ik daar, doodmoe van de vrije val (dit is echt verbazingwekkend vermoeiend..) in de lucht. Ik werd stontje misselijk van het hangen aan de parachute en heb helaas daardoor wat minder genoten van het vliegen. Het was echt een superervaring en met meer pillen tegen de misselijkheid zou ik het zo opnieuw willen doen...(als ik geld had dan..ik heb mn portie voor deze reis wel gehad, wees maar niet ongerust mam).
We moesten een dag langer wachten in Taupo, omdat ik heel graag de Tongariro Crossing wilde lopen. Dit is een wandeling van 17 km door vulkanisch gebied. Het wachten werd beloond: de volgende dag konden we de wandeling doen (een andere jongen van het hostel had een week lang gewacht om de wandeling te kunnen doen. Het wordt vaak gecancelled door het weer). Ik ben zo blij dat ik gewacht heb, want de wandeling is onbeschrijflijk mooi. Je loopt door Tongariro National Park, wat op een maanlandschap lijkt. Het was een behoorlijk wandeling, met soms vrij steile beklimmingen, maar het landschap: mijn favoriet op het noordereiland. Dit is trouwens een van de plekken waar The Lord of the Rings is opgenomen.
Nu ben ik dan in Wellington. Eergisteren en gister heb ik Olga, een huisgenoot die hier ook een tijd rondreist ontmoet. Het was bijna toevallig dat we precies rond hetzelfde tijdstip in Wellington zaten en het was raar maar leuk om met een bekende weer eens lekker bij te kletsen. Vroeg me al af wat ze gedaan had enzo. Erg gezellig. Wellington bevalt veel beter dan Auckland en ik heb hier de afgelopen twee dagen vooral musea bezocht. En de afgrijselijk lelijke nederlandse ambassade..dit keer heeft Ross gewonnen met zn engelse ambasssade..Oh ja: gisteravond zijn we naar de Lord of the Rings deel 3 geweest, in het gebouw waar de premiere plaatsvond. Vond dat best wel een leuk idee om de film te kijken waar de acteurs ook eens de film bekeken hebben! Ik ben helemaal blij :)
Ik ga er mee stoppen: lamme armen!! Morgen richting het Zuidereiland en daar kijk ik erg naar uit!
Heel veel liefs
Sanne
Naar volgend verslag
Home

Wie ben ik?

Voorbereiding

Route

Reisverslagen

Foto's

Gastenboek