De Taal
Uit eten

[Bij binnenkomst] [Bestellen] [Afrekenen]


Bij binnenkomst

Kan ik een tafel voor 7 uur reserveren? Mohl(-a) bych rezervovat jeden stúl na sedm hodin?
Graag een tafel voor 2 personen Potr'ebujeme stúl pro dv'e osoby
Hoe laat gaat de keuken open (dicht) Od (do) kolika hodin se var'i?
Moeten wij lang wachten? Budeme dlouho c'ekat?
Mogen wij hier (daar) zitten? Múz'eme si sednout sem (tam)?
Kunnen we buiten ook eten? Dá se jíst také venku?
Waar is het toilet? Kde je toaleta?



Bestellen

Ober! Pane vrchní!
Wij willen graag wat eten, drinken Cht'eli bychom n'eco k jídlu, k pití
Wij willen eerst nog wat drinken Cht'eli bychom napr'ed n'eco k pití
Mogen wij de menukaart? Múz'ete nám dát jídelni lístek?
Wij hebben nog niet gekozen Jes't'e jsme si nevybrali
Wat kunt u ons aanbevelen? Co byste nám doporuc'il(-a)?
Ik houd niet van vis, vlees Já nemám rád(-a) ryby, maso
Wat is dit? Co je to?
Waar lijkt het op? C'emu se to podobá?
Is dit gerecht warm of koud? Je to jídlo teplé nebo studené?
Is dit gerecht zoet, pikant, gekruid? Je to jídlo hodn'e, pikantní, kor'en'ené?
Ik mag geen zout, varkensvlees, suiker, vet eten Já nesmím súl, vepr'ové, cukr, mastné
Ik wil graag (...) Já si dám (...)
Nog wat brood a.u.b. Jes't'e trochu chleba, prosím
Eet smakelijk! Dobrou chut'!
Proost! Na zdraví!



Afrekenen

Wat is de prijs van dit gerecht? Kolik stojí toto jídlo?
De rekening a.u.b. Zaplatím
Alles bij elkaar Dohromady
Ieder betaalt voor zich Platíme kaz'dý zvlás't'
Mogen wij de kaart nog even zien? Múz'ete nám jes't'e donést jídelní lístek?
De (...) staat niet op de rekening Nemáte na úc'tu (...)